Omzendbrief van 10 juni 2011
gepubliceerd op 16 juni 2011
OpenJustice.be: Open Data & Open Source

Omzendbrief betreffende de bevoegdheden van de gurgemeester in het kader van de verwijdering van een onderdaan van een derde land

bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
numac
2011000381
pub.
16/06/2011
prom.
10/06/2011
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.pl?language=nl&(...)
Document Qrcode

FEDERALE OVERHEIDSDIENST BINNENLANDSE ZAKEN


10 JUNI 2011. - Omzendbrief betreffende de bevoegdheden van de gurgemeester in het kader van de verwijdering van een onderdaan van een derde land


Aan de Dames en Heren burgemeesters, Deze omzendbrief heeft tot doel bepaalde opdrachten van de burgemeester of zijn gemachtigde in het kader van de verwijdering van een onderdaan van een derde land in herinnering te brengen en nader toe te lichten.

Voor de uitvoering van het verwijderingbeleid is een goede samenwerking noodzakelijk tussen alle bevoegde overheden alsook overleg met respect voor de bevoegdheden van elke overheid.

De samenwerking tussen alle bevoegde overheden is van wezenlijk belang om de onderdaan van een derde land die het voorwerp uitmaakt van een beslissing tot verwijdering te overtuigen om vrijwillig te vertrekken.

De samenwerking tussen alle bevoegde overheden is van essentieel belang om de onderdaan van een derde land te informeren over de noodzakelijke maatregelen die genomen kunnen worden om de beslissing tot verwijdering uit te voeren, namelijk de vasthouding in een gesloten centrum met oog op de verwijdering van het grondgebied.

I. Opvolging van de beslissing tot verwijdering genomen door de Minister of zijn gemachtigde.

Krachtens artikel 62, eerste lid, van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen moet de burgemeester van de gemeente waar de onderdaan van een derde land zich bevindt, of zijn gemachtigde, de door de minister of zijn gemachtigde genomen beslissingen onverwijld betekenen.

Te dien einde moet de burgemeester of zijn gemachtigde de onderdaan van een derde land oproepen om zich bij het gemeentebestuur aan te bieden. Deze oproepingsbrief wordt naar het opgegeven adres gestuurd, en dit zelfs wanneer hij niet ingeschreven is in of wanneer hij geschrapt is uit de gemeenteregisters.

De burgemeester of zijn gemachtigde moet aan de minister of zijn gemachtigde alle informatie waarvan hij kennis heeft betreffende de identiteit van de onderdaan van een derde land meedelen, zodat de noodzakelijke maatregelen genomen kunnen worden. Te dien einde dient een identificatieformulier bij de eerste oproep te worden ingevuld. In punt IV wordt dit verder toegelicht.

Indien de onderdaan van een derde land zich niet aanbiedt om zich de beslissing te laten betekenen, moet de betekening op de verblijfplaats uitgevoerd worden.

Bij de betekening van de beslissing tot verwijdering informeert de burgemeester of zijn gemachtigde hem over : 1° de draagwijdte van de beslissing en de rechtsmiddelen;2° de afgifte van een nieuwe oproep om zich aan te bieden bij het gemeentebestuur om inlichtingen te verstrekken over de voorbereiding van zijn terugkeer.In punt IV wordt verder ingegaan op deze oproep; 3° het feit dat een onderzoek van de verblijfplaats zal plaatsvinden wanneer de termijn die toegekend wordt om het grondgebied te verlaten verstrijkt, om te verifiëren of hij gevolg gegeven heeft aan de beslissing tot verwijdering.In punt V wordt er verder ingegaan op dit onderzoek; 4° de gevolgen van het verblijven op het grondgebied na het verstrijken van de toegekende termijn.Het gaat inzonderheid om de vasthouding in een gesloten centrum of woonunit (familie) met oog op de gedwongen verwijdering; 5° de mogelijkheid om met het oog op het organiseren van zijn vrijwillige terugkeer bijgestaan te worden door Fedasil (tel.: 02-213 44 31), de Cel vrijwillige terugkeer van de Dienst Vreemdelingenzaken (tel. : 02-793 83 69) of door de lokale partners waarvan de gegevens doorgegeven worden door de burgemeester of zijn gemachtigde. In punt VII vindt u verdere informatie over de vrijwillige terugkeer.

Er wordt gevraagd om onmiddellijk na de betekening van de beslissing een kopie van de betekening en van alle documenten die betrekking hebben op de opvolging van de beslissing tot verwijdering, naar de minister of zijn gemachtigde (Bureau Sefor) te sturen. Indien de onderdaan van een derde land weigert te tekenen, wordt dit vermeld op de beslissing en wordt eveneens een kopie opgestuurd.

II. Opvolging van de beslissing tot verwijdering genomen door de minister of zijn gemachtigde en rechtstreeks betekend aan de onderdaan van een derde land.

Als de kennisgeving van de beslissing tot verwijdering gebeurt per aangetekende brief op de gekozen woonplaats van de onderdaan van een derde land of per fax als hij woonplaats gekozen heeft bij zijn advocaat, brengt de Dienst Vreemdelingenzaken de burgemeester of zijn gemachtigde van zijn effectieve verblijfplaats hiervan op de hoogte.

Er wordt gevraagd aan de burgemeester of zijn gemachtigde om de onderdaan van een derde land op te roepen om hem te informeren zoals uitgelegd in punt I. III. Opvolging van de beslissing tot verwijdering genomen door de burgemeester of zijn gemachtigde.

Wanneer de burgemeester of zijn gemachtigde een onderdaan van een derde land in kennis stelt van een beslissing tot verwijdering, brengt hij de Dienst Vreemdelingenzaken hiervan op de hoogte. Bij deze kennisgeving informeert de burgemeester of zijn gemachtigde hem zoals aangeduid in punt I. IV. Oproep om zich aan te bieden bij het gemeentebestuur, om geïnformeerd te worden over de voorbereiding van de terugkeer.

Vanaf het eerste contact met het gemeentebestuur in verband met de betekening van de beslissing, moet de onderdaan van een derde land de voorbereiding van zijn terugkeer toelichten en de noodzakelijke elementen voor deze terugkeer aanreiken. Deze elementen kunnen bijvoorbeeld een paspoort, een vliegtuigticket of het dossier van de vrijwillige terugkeer zijn.

Indien de onderdaan van een derde land zich niet aanbiedt op de voorziene datum wordt er gevraagd om onmiddellijk een onderzoek van de verblijfplaats uit te voeren om te achterhalen waarom hij zich niet aangeboden heeft.

Aan elke onderdaan van een derde land wordt gevraagd het volgende mee te brengen : 1° alle identiteitsdocumenten of andere documenten waaruit zijn identiteit kan afgeleid worden;2° drie identieke pasfoto's. Wanneer de onderdaan van een derde land zich aanmeldt, wordt het eerste luik van het identificatieformulier samen met hem ingevuld of aangevuld, en wordt een pasfoto toegevoegd op de voorziene plaats. De onderdaan van een derde land ondertekent dit eerste luik en ontvangt er een kopie van.

De burgemeester of zijn gemachtigde kan andere relevante informatie in verband met de identiteit van de onderdaan van een derde land toevoegen op een ander luik van het formulier.

Van dit alles wordt een kopie bezorgd aan het Bureau Sefor van de Dienst Vreemdelingenzaken : Tel. : 02-793 82 70 (NL), 02-793 82 71 (FR).

Fax : 02-274 66 13.

E-mail : Bur_Sefor@ibz.fgov.be De Dienst Vreemdelingenzaken kan een foto opvragen aan de burgemeester of zijn gemachtigde met het oog op het verkrijgen van een reisdocument.

Indien de onderdaan van een derde land niet beschikt over geldige reisdocumenten, wordt hem opgedragen om zich binnen drie werkdagen met de kopie van het identificatieformulier en een pasfoto aan te bieden bij het Bureau Printrak van de Dienst Vreemdelingenzaken met het oog op het nemen van vingerafdrukken voor het bepalen van zijn identiteit.

V. Onderzoek van de verblijfplaats dat moet worden uitgevoerd indien een beslissing tot verwijdering betekend werd aan de onderdaan van een derde land.

Indien een onderdaan van een derde land het voorwerp heeft uitgemaakt van een beslissing tot weigering van verblijf, die gepaard gaat met een termijn om het grondgebied te verlaten, wordt aan de burgemeester of zijn gemachtigde gevraagd om na het verstrijken van de toegekende termijn op het opgegeven adres te laten verifiëren of de onderdaan van een derde land gevolg gegeven heeft aan de beslissing tot verwijdering en zijn verblijfplaats verlaten heeft.

Aan de burgemeester of diens gemachtigde wordt gevraagd om er bij de politiediensten op aan te dringen deze verblijfscontroles uit te voeren en het verslag na het einde van de controle te bezorgen.

De politiedienst stuurt het verslag rechtstreeks naar het Bureau Sefor, en een kopie naar de burgemeester of diens gemachtigde.

De gegevens van het Bureau Sefor zijn : Tel. : 02/793 82 70 (NL), 02-793 82 71 (FR).

Fax : 02-274 66 13.

E-mail : Bur_Sefor@ibz.fgov.be VI. De gevolgen die verbonden zijn aan het verblijven op het grondgebied na het verstrijken van de toegekende termijn om het grondgebied te verlaten.

Indien een onderdaan van een derde land het voorwerp uitgemaakt heeft van een beslissing tot weigering van verblijf, die gepaard gaat met een termijn om het grondgebied te verlaten, wordt aan de burgemeester of zijn gemachtigde gevraagd om na het verstrijken van de toegekende termijn systematisch op het opgegeven adres te laten verifiëren of de onderdaan van een derde land gevolg gegeven heeft aan de beslissing tot verwijdering en zijn verblijfplaats verlaten heeft.

Indien de onderdaan van een derde land nog op zijn verblijfplaats verblijft, zal overgegaan worden tot de gedwongen verwijdering. Bureau Sefor geeft de instructie aan de politiedienst om de onderdaan van een derde land aan te houden en de beslissing tot het vasthouden met het oog op de gedwongen verwijdering te betekenen. Na de betekening van deze beslissing brengt de politiedienst betrokkene over naar het aangewezen gesloten centrum of de aangewezen woonunit.

De identificatie van de onderdaan van een derde land zal bij voorkeur uitgevoerd worden voordat hij met het oog op de uitvoering van zijn verwijdering vastgehouden wordt, zodat de vasthouding zo kort mogelijk is.

VII. Informatie over de vrijwillige terugkeer.

Wanneer een bevel om het grondgebied te verlaten afgegeven wordt, moet de onderdaan van een derde land terugkeren naar zijn land van herkomst of naar het land waar hij gemachtigd is tot verblijf. In principe moet hij dit zelfstandig doen. Er wordt hem gevraagd de burgemeester of zijn gemachtigde volgende gegevens te verstrekken : de datum van vertrek, de plaats van vertrek, de bestemming en een kopie van zijn vervoersbewijs. Deze gegevens worden door de burgemeester of zijn gemachtigde doorgestuurd aan het Bureau Sefor.

Indien hij niet over de nodige middelen beschikt, kan de onderdaan van een derde land, beroep doen op het vrijwillige terugkeerprogramma. Dit programma voorziet in een vliegtuigticket, begeleiding op de luchthavens en eventueel een premie en materiële steun in het land van herkomst. Dit programma wordt uitgevoerd door de Internationale Organisatie voor Migratie (I.O.M) en door Caritas internationaal, onder de supervisie van Fedasil.

Voor meer informatie over dit programma en over de precieze modaliteiten, kan u terecht op de website www.vrijwilligeterugkeer.be Tevens kan u contact opnemen met Fedasil : Tel. : 02-213 44 31 (NL), 02-213 43 85 (FR).

De onderdaan van een derde land aan wie het bevel om het grondgebied te verlaten betekend wordt, moet geïnformeerd worden over deze mogelijkheid om vrijwillig terug te keren.

Informatie hierover kan u vinden op de website www.vrijwilligeterugkeer.be Op deze website bevinden zich namelijk brochures die, in verschillende talen, een samenvatting bevatten van het programma. Deze brochures kunnen worden afgedrukt en meegegeven aan de onderdaan van een derde land.

Tevens wordt gevraagd de onderdaan van een derde land erop te wijzen dat hij contact kan opnemen met een terugkeerconsulent van Fedasil indien hij wenst terug te keren of bijkomende informatie wenst over vrijwillige terugkeer. Deze consulenten behandelen de aanvraag en zijn te bereiken op het nummer tel. : 02-213 43 78.

Indien de onderdaan van een derde land niet meer in het bezit is van identiteitsdocumenten om naar zijn land van herkomst terug te keren wordt hem meegedeeld dat hij zich bij de ambassade van zijn land van herkomst moet aanbieden, opdat een paspoort of een laissez-passer aan hem kan afgeleverd worden.

Er wordt gevraagd om de onderdaan van een derde land mee te delen dat hij de gegevens van zijn ambassade kan raadplegen op website http://diplomatie.belgium.be/nl, onder de rubriek « Ambassades en consulaten ».

Ten slotte kan de onderdaan van een derde land zich wenden tot de Cel vrijwillige terugkeer van de Dienst Vreemdelingenzaken (tel. : 02-793 83 69) om zich bij zijn terugkeer te laten bijstaan.

VIII. Praktische informatie.

Om de toepassing van de in deze omzendbrief ontwikkelde modaliteiten te vergemakkelijken zal de Dienst Vreemdelingenzaken bij het gemeentebestuur een sensibiliseringscampagne en een opleiding organiseren.

Ten slotte wil ik u melden dat op de site GEMCOM documentatie voor de burgemeester en zijn gemachtigde terug te vinden is. Op de site www.sefor.be wordt een brochure voor de onderdaan van een derde land ter beschikking gesteld. De informatie wordt aangeboden in verschillende talen.

U wordt verzocht deze brochure te helpen verspreiden, zodat een onderdaan van een derde land die bij een verwijderingmaatregel is betrokken goed wordt geïnformeerd over zijn rechten en plichten.

Alle inlichtingen over deze omzendbrief kunnen worden aangevraagd bij het Bureau Sefor : Tel. : 02-793 82 70 (NL), 02-793 82 71 (FR).

Fax : 02-274 66 13.

E-mail : Bur_Sefor@ibz.fgov.be Brussel, 10 juni 2011.

De Staatssecretaris voor Migratie- en asielbeleid, M. WATHELET

Etaamb biedt de inhoud van de Belgisch Staatsblad aan gesorteerd op afkondigings- en publicatiedatum, behandeld om gemakkelijk leesbaar en afprintbaar te zijn, en verrijkt met een relationele context.
^