Programmadecreet van 13 februari 2012
gepubliceerd op 15 maart 2012
OpenJustice.be: Open Data & Open Source

Programmadecreet 2012

bron
ministerie van de duitstalige gemeenschap
numac
2012201485
pub.
15/03/2012
prom.
13/02/2012
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.pl?language=nl&(...)
Document Qrcode

13 FEBRUARI 2012. - Programmadecreet 2012


Het Parlement van de Duitstalige Gemeenschap heeft aangenomen en Wij, Regering, bekrachtigen hetgeen volgt : HOOFDSTUK 1. - Persoonsgebonden aangelegenheden Afdeling 1. - Thuishulp

Artikel 1.(Deze opmerking geldt niet voor de Nederlandse vertaling.)

Art. 2.In artikel 1 van het decreet van 16 februari 2009 betreffende de thuishulpdiensten en houdende oprichting van een consultatiebureau voor thuishulp, transmurale en stationaire hulp worden de volgende wijzigingen aangebracht : "1° in de bepaling onder 3° wordt het woord "of" geschrapt en vervangen door een kommapunt; 2° in de bepaling onder 4° wordt na het woord "vrijwilligers" het woord "of" ingevoegd en wordt de punt vervangen door een kommapunt; 3° het artikel wordt aangevuld met een bepaling onder 5°, luidende : "5° door particulieren die thuishulp aanbieden, maar in het kader van dit decreet niet gesubsidieerd worden."

Art. 3.Artikel 2, 3°, van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : "3° transmurale en stationaire hulp : de zorgaanbiedingen gedefinieerd in artikel 2, § 1, van het decreet van 4 juni 2007 betreffende de woon-, begeleidings- en verzorgingsstructuren voor bejaarden, de seniorenresidenties en de psychiatrische verzorgingstehuizen;"

Art. 4.Artikel 6, tweede lid, 13°, van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : "13° het concept van de contactverzorging voor prestaties die voornamelijk bestaan uit rechtstreekse, persoonsgebonden hulp, begeleiding en verzorging;"

Art. 5.Artikel 9 van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : "Art. 9 - Opdrachten

Art. 6.De thuishulpdiensten vervullen naar gelang van de behoeften van de gebruiker een of meer van de volgende kerntaken : 1° gezins- en bejaardenhulp : rechtstreekse, persoonsgebonden hulp, begeleiding en verzorging, aangevuld met huishoudelijke hulp en de daarmee samenhangende psychosociale ondersteuning van de gebruiker. Deze hulp moet de zelfredzaamheid van de gebruiker verhogen. Tot de belangrijkste taken van de gezins- en bejaardenhulp behoort ook het waken bij een zieke; 2° schoonmaakhulp : activiteiten die vooral bestaan in het poetsen van de woning van de gebruiker en het bevorderen van de hygiëne in de woning van de gebruiker.In het kader van die activiteiten kan de gebruiker in beperkte mate ook sociale begeleiding krijgen; 3° klussenhulp : ondersteuning bij het onderhouden en herstellen van de ruimten die door de gebruiker bewoond worden en de directe omgeving ervan. Voor de hulp omschreven in het eerste lid, 1° en 2°, bepaalt de Regering criteria waarmee de aard en de intensiteit van de vereiste hulp kunnen worden bepaald.

Voor de hulp omschreven in het eerste lid, 1° tot 3°, bepaalt de Regering het takenspectrum voor elk van de drie vormen van hulp.

De gezins- en bejaardenhulp wordt volgens het principe van de contactverzorging verleend. De gezins- en bejaardenhulp wordt verleend overeenkomstig het protocolakkoord tussen de Federale Staat en de Gemeenschappen betreffende de relatie tussen zorg- en bijstandsverleners van de erkende diensten voor thuishulp en beoefenaars van gezondheidszorgberoepen die werkzaam zijn in de thuiszorg, gesloten op van 14 december 2009.

De schoonmaakhulp en de klussenhulp worden op betrouwbare wijze en zoveel mogelijk door dezelfde persoon verstrekt." Afdeling 2. - Woonstructuren voor bejaarden

Art. 7.In het opschrift van het decreet van 4 juni 2007 betreffende de woon-, begeleidings- en verzorgingsstructuren voor bejaarden en de psychiatrische verzorgingstehuizen, gewijzigd bij de programmadecreten van 16 juni 2008 en 15 maart 2010, alsook bij het decreet van 15 maart 2010, worden de woorden "de seniorenresidenties" ingevoegd tussen het woord "bejaarden" en de woorden "en de psychiatrische verzorgingstehuizen".

Art. 8.In artikel 1 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in de bepaling onder 2° worden de woorden "artikel 2, § 1, 1°, 2°, 7°," vervangen door de woorden "artikel 2, § 1, 1° en 2°,"; 2° het artikel wordt aangevuld met een bepaling onder 8°, luidende : "8° seniorenresidentie : inrichting die in één of meer gebouwen aan de behoeften van ouderen aangepaste individuele woningen alsmede huishoudelijke dienstprestaties aanbiedt die door de bejaarden georganiseerd worden of waarop deze vrij een beroep kunnen doen."

Art. 9.In artikel 2 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° artikel 2, § 1, 7°, wordt opgeheven;2° in § 3 wordt het woord "thuiszorg" vervangen door het woord "thuishulp"; 3° het artikel wordt aangevuld met een § 5, luidende : " § 5 - Overeenkomstig hoofdstuk II.1 is dit decreet van toepassing op seniorenresidenties."

Art. 10.Artikel 5, § 3, tweede lid, van hetzelfde decreet wordt opgeheven.

Art. 11.Artikel 9 van hetzelfde decreet wordt opgeheven.

Art. 12.In hetzelfde decreet wordt na artikel 10.1 een hoofdstuk II.1 ingevoegd, dat artikel 10.2 omvat, luidende : "Hoofdstuk II.1 - Seniorenresidenties Art. 10.2 - Seniorenresidenties die voldoen aan de voorwaarden die de Regering heeft bepaald, kunnen de benaming äSeniorenresidenz mit Qualitätslabel der Deutschsprachigen Gemeinschaft" (seniorenresidentie met kwaliteitslabel van de Duitstalige Gemeenschap) voeren. Die voorwaarden hebben op zijn minst betrekking op : 1° de inrichting van de ruimten;2° het concept voor de organisatie van de seniorenresidentie. De seniorenresidentie mag geen verzorging aanbieden.

Wie die benaming wil voeren, moet daartoe toestemming vragen aan de Regering. Binnen 40 dagen na de ontvangst van de aanvraag neemt de Regering een beslissing. Indien de Regering binnen die termijn geen beslissing heeft genomen, wordt het label geacht te zijn toegekend.

De Regering bepaalt : 1° de aanvraagprocedure, alsook de criteria om een aanvraag te weigeren; 2° de redenen waarom een residentie het label kan verliezen en de desbetreffende procedure."

Art. 13.Het opschrift van hoofdstuk VI van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : "Hoofdstuk VI - Strafrechtelijke bepalingen"

Art. 14.In artikel 14, § 2, van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het tweede lid wordt het woord "gevolge" vervangen door het woord "gevolg" en worden de woorden ", behalve wat de seniorenresidenties betreft" opgeheven;2° het derde lid wordt opgeheven.

Art. 15.Artikel 15, eerste lid, 2°, van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : "2° op onwettige wijze schriftelijk of mondeling beweert te beschikken over een erkenning of een kwaliteitslabel waarin dit decreet voorziet;"

Art. 16.In artikel 12, § 3, van hetzelfde decreet worden tussen de woorden "de inrichtende macht van een seniorenresidentie" en de woorden "een subsidie" de woorden "die over het in artikel 10.2 bedoelde kwaliteitslabel beschikt," ingevoegd. Afdeling 3. - Medisch schooltoezicht

Art. 17.In artikel 5, eerste lid, van de wet van 21 maart 1964 op het medisch schooltoezicht worden de woorden "de ambtenaar" vervangen door de woorden "het gemachtigde personeelslid van het Ministerie".

Art. 18.Artikel 8 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt : "Alle individuele of algemene profylactische maatregelen worden genomen door de verantwoordelijke geneesheer van de equipe voor medisch schooltoezicht, gekozen door de inrichtende macht. Zij zijn bindend voor de leerlingen, de ouders of de voogd, de inrichtende macht en het personeel van de onderwijsinrichting.

De betrokken onderwijsinrichting, de ouders of de voogd van een minderjarige leerling, alsook de meerderjarige leerlingen kunnen bij het door de Regering gemachtigde personeelslid van het Ministerie per aangetekende brief beroep instellen tegen de maatregelen die met toepassing van het eerste lid zijn genomen. Het beroep is niet opschortend. De beslissing van de Minister of van het gemachtigde personeelslid van het Ministerie kan de met toepassing van het eerste lid genomen maatregel schorsen, opheffen of wijzigen.

De Regering bepaalt : 1° de lijst van de besmettelijke ziekten en de voorzorgsmaatregelen die noodzakelijk zijn om te voorkomen dat die ziekten zich op school verspreiden; 2° de procedure voor de meldingsplicht en de maatregelen die bij die besmettelijke ziekten moeten worden genomen."

Art. 19.Artikel 10 van dezelfde wet wordt gewijzigd als volgt : 1° in het eerste, tweede en derde lid worden de woorden "geneesheren-ambtenaren die door de Koning worden benoemd" telkens vervangen door de woorden "gemachtigde personeelsleden van het Ministerie"; 2° in het eerste lid wordt de zin "Het aantal en ambtsgebied van deze ambtenaren worden door de Koning bepaald" vervangen door de zin "Het aantal en ambtsgebied van deze gemachtigde personeelsleden van het Ministerie worden door de Regering bepaald."; 3° in het tweede lid, 1°, wordt het woord "Koning" vervangen door het woord "Regering".

Art. 20.In dezelfde wet wordt Hoofdstuk II - Technisch comité van het medisch schooltoezicht, dat de artikelen 11 tot 13 bevat, opgeheven.

Artikel 15 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt : 1° in het eerste lid wordt het woord "frank" vervangen door het woord "euro";2° in het eerste lid, 2°, worden de woorden "de bevoegde ambtenaar" vervangen door de woorden "het bevoegde personeelslid van het Ministerie";3° in het eerste lid, 6°, worden de woorden "geneesheren-ambtenaren" vervangen door de woorden "personeelsleden van het Ministerie".

Art. 21.In artikel 16 van dezelfde wet wordt het woord "frank" vervangen door het woord "euro". HOOFDSTUK 2. - Culturele aangelegenheden Afdeling 1. - Jeugd- en volwassenenvorming

Art. 22.Artikel 3 van het decreet van 23 maart 1992 houdende toekenning van toelagen voor de personeelskosten van de erkende creatieve ateliers, gewijzigd bij het decreet van 4 maart 1996, wordt opgeheven.

Art. 23.In artikel 18 van het decreet van 17 november 2008 ter ondersteuning van de instellingen voor volwassenenonderwijs wordt na het eerste lid een lid ingevoegd, luidende : "Het minimale aantal dagen vermeld in artikel 7, eerste lid, 3°, wordt voor het jaar 2010 vastgelegd op 80." Afdeling 2. - Sport

Art. 24.In artikel 22 van het sportdecreet van 19 april 2004, waarvan de huidige bewoordingen § 1 worden, wordt een § 2 ingevoegd, luidende : " § 2 - Op gunstig advies van de Sportcommissie kan de Regering oefenmeesters, trainers en leerkrachten lichamelijke opvoeding een tegemoetkoming ten belope van maximaal 50 % van de aanvaardbare kosten toekennen om deel te nemen aan opleidingen en voortgezette opleidingen in het binnen- en buitenland. De aanvaardbare kosten zijn de reis- en verblijfkosten en het inschrijvingsgeld.

De betrokkene dient de aanvraag zelf in. De in artikel 31 gestelde termijn voor het indienen van een aanvraag is niet van toepassing." HOOFDSTUK 3. - Infrastructuur

Art. 25.In artikel 18, § 3, derde lid, van het decreet van 18 maart 2002 betreffende de infrastructuur worden de woorden "Vertragen gerechtelijke procedures de afwerking van een project, dan kan de Regering deze termijn verlengen." vervangen door de woorden "Indien de voltooiing van een project door gerechtelijke procedures vertraging oploopt, alsook in bijzonder gerechtvaardigde gevallen, kan de Regering deze termijn verlengen." HOOFDSTUK 4. - Financiering van de gemeenten

Art. 26.In artikel 3, § 1, van het decreet van 15 december 2008 betreffende de financiering van de gemeenten en van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn door de Duitstalige Gemeenschap, vervangen bij het decreet van 19 april 2010, wordt een nieuw eerste lid ingevoegd, luidende : "De gemeentedotatie voor het begrotingsjaar 2009 bedraagt 16.985.988,61 euro."

Art. 27.In artikel 7 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° het eerste lid wordt vanaf het vijfde streepje vervangen als volgt : - voor het begrotingsjaar 2013 : 1.200.000 euro; - voor het begrotingsjaar 2014 : 1.300.000 euro; - voor het begrotingsjaar 2015 : 1.400.000 euro; - voor het begrotingsjaar 2016 : 1.600.000 euro; - voor het begrotingsjaar 2017 : 1.800.000 euro; - voor het begrotingsjaar 2018 : 2.000.000 euro; - voor het begrotingsjaar 2019 : 2.250.000 euro; - voor het begrotingsjaar 2020 : 2.500.000 euro; - voor het begrotingsjaar 2021 : 2.750.000 euro; - voor het begrotingsjaar 2022 : 3.000.000 euro."; 2° in het tweede lid worden de woorden "Vanaf het begrotingsjaar 2019" vervangen door de woorden "Vanaf het begrotingsjaar 2023".

Art. 28.Artikel 11 van hetzelfde decreet, vervangen bij het decreet van 14 februari 2011, wordt gewijzigd als volgt : 1° in de laatste zin van § 1 wordt het woord "geïndexeerd" vervangen door de woorden "aangepast aan het ontwikkelingspercentage";2° de huidige tekst van artikel 11, dat de §§ 1 en 2 bevat, wordt § 1; 3° het artikel wordt aangevuld met een § 2, luidende : " § 2 - De gemeenten Eupen en Sankt Vith ontvangen bovendien respectievelijk 6.000 en 2.500 euro die uitsluitend bestemd zijn voor de ondersteuning van bejaardentehuizen in die gemeenten. Vanaf het begrotingsjaar 2012 worden deze bedragen jaarlijks aangepast aan het ontwikkelingspercentage." 4° het artikel wordt aangevuld met een § 3, luidende : " § 3 - Het in de §§ 1 en 2 vermelde ontwikkelingspercentage stemt overeen met het groeipercentage van het gemiddelde indexcijfer van de consumptieprijzen voor het betrokken begrotingsjaar.Tot de definitieve vastlegging van het gemiddelde indexcijfer van de consumptieprijzen voor een begrotingsjaar, worden de bedragen aangepast op basis van het geraamde groeipercentage van het gemiddelde indexcijfer van de consumptieprijzen voor het betrokken begrotingsjaar, zoals bepaald in de economische begroting in de zin van artikel 108, g), van de wet van 21 december 1994 houdende sociale en diverse bepalingen."

Art. 29.In artikel 14, § 1, van hetzelfde decreet, vervangen bij het decreet van 19 april 2010, wordt vóór het huidige eerste lid een nieuw lid ingevoegd, luidende : "De dotatie voor sociale zorg voor het begrotingsjaar 2009 bedraagt 1.742.220,96 EUR." HOOFDSTUK 5. - Financieel reglement

Art. 30.Artikel 46 van het decreet van 25 mei 2009 houdende het financieel reglement van de Duitstalige Gemeenschap wordt aangevuld met een derde lid, luidende : "Het Rekenhof controleert : - de VZW Agentschap voor Europese vormingsprogramma's (Agentur für Europäische Bildungsprogramme VoG); - de VZW Sport voor Allen (VoG Sport für Alle)."

Art. 31.In artikel 59, vierde lid, artikel 78, derde lid, en artikel 93, derde lid, van hetzelfde decreet wordt de tweede zin ("Verdere begrotingscontrolen en aanpassingen zijn te allen tijde mogelijk.") telkens vervangen als volgt : "Verdere begrotingscontroles en aanpassingen van de begroting zijn te allen tijde mogelijk tot de eindafrekening overeenkomstig artikel 43." In artikel 68, eerste lid, artikel 81, eerste lid, en artikel 95, eerste lid, van hetzelfde decreet worden tussen het woord "begrotingsjaar" en het woord "kan" de woorden "en tot de eindafrekening overeenkomstig artikel 43" ingevoegd. HOOFDSTUK 6. - Slotbepalingen

Art. 32.Artikel 18 van het programmadecreet van 14 februari 2011 wordt ingetrokken.

Art. 33.Dit decreet treedt in werking op 1 januari 2012, met uitzondering van : - artikel 23, dat uitwerking heeft met ingang van 1 januari 2010; - de artikelen 26 en 29, die uitwerking hebben met ingang van 1 januari 2009; - artikel 28, 1°, 2° en 4°, dat uitwerking heeft met ingang van 1 januari 2009; - artikel 28, 3°, dat uitwerking heeft met ingang van 1 januari 2011.

Wij kondigen dit decreet af en bevelen dat het door het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.

Eupen, 13 februari 2012.

De Minister-President, Minister van Lokale Besturen, K.-H. LAMBERTZ De Minister van Onderwijs, Opleiding en Werkgelegenheid, O. PAASCH De Minister van Cultuur, Media en Toerisme, Mevr. I. WEYKMANS De Minister van Gezin, Gezondheid en Sociale Aangelegenheden, H. MOLLERS _______ Nota Zitting 2011-2012.

Parlementaire stukken : 94 (2011-2012), nr. 1. - Voorstel van decreet + erratum. 94 (2011-2012), nr. 2-4. - Voorstellen tot wijziging 94 (2011-2012), nr. 5. - Verslag.

Integraal verslag : 13 februari 2012 - Nr. 34 Bespreking en aanneming

Etaamb biedt de inhoud van de Belgisch Staatsblad aan gesorteerd op afkondigings- en publicatiedatum, behandeld om gemakkelijk leesbaar en afprintbaar te zijn, en verrijkt met een relationele context.
^