Wet van 05 mei 2017
gepubliceerd op 15 juni 2017
OpenJustice.be: Open Data & Open Source

Wet betreffende de steun voor verspreid vervoer voor de periode van 2017-2020 en tot verlenging van de steun voor gecombineerd vervoer voor de periode 2017-2020

bron
federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer
numac
2017040327
pub.
15/06/2017
prom.
05/05/2017
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.pl?language=nl&(...)
Document Qrcode

Numac : 2017040327

FEDERALE OVERHEIDSDIENST MOBILITEIT EN VERVOER

Directoraat-generaal Duurzame Mobiliteit en Spoorbeleid


5 MEI 2017. - Wet betreffende de steun voor verspreid vervoer voor de periode van 2017-2020 en tot verlenging van de steun voor gecombineerd vervoer voor de periode 2017-2020


FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

De Kamer van volksvertegenwoordigers heeft aangenomen en Wij bekrachtigen, hetgeen volgt : HOOFDSTUK 1. - Steun voor verspreid vervoer

Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 74 van de Grondwet.

Art. 2.Voor de toepassing van deze wet wordt verstaan onder: 1° "minister": de minister die bevoegd is voor Mobiliteit;2° "bestuur": de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer;3° "vrachtbrief": elk document dat wordt opgesteld overeenkomstig de Uniforme Regelen betreffende de overeenkomst van internationaal spoorwegvervoer van goederen (CIM), - Bijlage B bij het Verdrag betreffende het internationale spoorwegvervoer (COTIF) van 9 mei 1980, zoals gewijzigd bij wijzigingsprotocol van 3 juni 1999, goedgekeurd bij de wet van 15 februari 2007 houdende instemming met het Protocol houdende wijziging van het Verdrag betreffende het internationale spoorwegvervoer (COTIF) van 9 mei 1980, gedaan te Vilnius op 3 juni 1999; 4° "wagen": een conventioneel geladen goederenwagen komende van of gaande naar een ladingspunt in België (d.i. met een verschillende bestemming of oorsprong), die samen met andere wagens deel uitmaakt van eenzelfde trein die in België wordt samengesteld of gesplitst.

Vallen niet onder deze definitie: wagens die land- of zeecontainers, wissellaadbakken of opleggers vervoeren; 5° "spoorwegkosten": de kosten voor het rijden van de wagens op het spoor zoals de vergoeding voor het gebruik van de spoorweginfrastructuur, de kosten voor energie, de kosten in verband met de huur en/of de afschrijving van het tractiematerieel en de wagens, alsook de kosten voor de treinbestuurder;6° "spoorwegonderneming": de onderneming bedoeld in artikel 3, 27°, van de wet van 30 augustus 2013 houdende de Spoorcodex;7° "spoorweginfrastructuur": de infrastructuur bedoeld in artikel 3, 32°, van de wet van 30 augustus 2013 houdende de Spoorcodex;8° "trimester": periode die loopt van 1 januari tot 31 maart, of van 1 april tot 30 juni, of van 1 juli tot 30 september, of van 1 oktober tot 31 december.

Art. 3.Elke wagen die rijdt op de spoorweginfrastructuur geeft, op grond van de gegevens opgenomen in de vrachtbrief, wat zijn oorsprong en zijn bestemming betreft, overeenkomstig de voorwaarden bepaald bij deze wet, recht op een subsidie per kilometer afgelegd in België.

De begunstigde van de subsidie is de spoorwegonderneming die op grond van haar veiligheidscertificaat deel B de tractie van de wagen uitvoert.

De subsidie is ten laste - en valt binnen de grenzen van het krediet dat daartoe wordt ingeschreven - van de algemene uitgavenbegroting.

Art. 4.De in artikel 3 bedoelde subsidie wordt berekend door het aantal kilometers die in België zijn afgelegd per wagen te vermenigvuldigen met 0,57 euro.

Art. 5.Een wagen geeft slechts recht op één subsidie per vrachtbrief.

Als verschillende spoorwegondernemingen aanspraak kunnen maken op een subsidie voor eenzelfde wagen, overleggen zij zodat slechts één aanvraag wordt ingediend. Indien aan de voorwaarde van een enkele aanvraag niet wordt voldaan, zal geen enkele subsidie worden toegekend voor deze wagen.

Art. 6.De spoorwegonderneming kan op elk ogenblik een aanvraagdossier indienen om voor subsidie in aanmerking te komen en dit uiterlijk een maand na het einde van het trimester dat recht kan geven op een subsidie.

Het aanvraagdossier wordt schriftelijk of elektronisch ingediend bij het bestuur. Het aanvraagdossier omvat het ondernemingsnummer van de spoorwegonderneming en de relaties waarvoor subsidies worden aangevraagd.

Het bestuur onderzoekt het aanvraagdossier. De minister of zijn gemachtigde neemt een beslissing over het in aanmerking komen voor een subsidie. Deze beslissing wordt schriftelijk betekend aan de spoorwegonderneming binnen een termijn van een maand na ontvangst van het volledige aanvraagdossier.

Het aanvraagdossier kan persoonlijk worden ingediend bij het bestuur, dat aan de spoorwegonderneming of haar mandataris een ontvangstbewijs geeft, met vermelding van de datum en het uur van indiening.

Art. 7.Elke wagen dient gedekt te worden door een enkele vrachtbrief om in aanmerking te komen voor subsidie.

De spoorwegonderneming verleent bij het eerste verzoek inzage in de vrachtbrieven.

Art. 8.§ 1. De spoorwegonderneming maakt voor de relaties waarvoor subsidies zijn aangevraagd een overzicht op van de wagens en van de door deze wagens in België gereden kilometers voor het trimester dat recht geeft op een subsidie aan de hand van het model dat het bestuur op zijn website heeft gepubliceerd. De spoorwegonderneming levert de details van de spoorkosten die gemaakt zijn gedurende het betreffende trimester. § 2. De spoorwegonderneming levert het overzicht binnen een maand na het bedoelde trimester.

De spoorwegonderneming die het overzicht na deze termijn aan het bestuur levert, verliest het recht op subsidie voor het betreffende trimester.

Art. 9.De spoorwegonderneming levert op het eerste verzoek van het bestuur alle gegevens om het toe te laten de juistheid van het overzicht na te gaan alsook elke andere informatie die wordt gevraagd.

Iedere subsidie die teveel of ten onrechte is betaald, dient binnen de termijn van een maand te worden terugbetaald nadat het bestuur dit bij aangetekende brief heeft gevraagd.

Art. 10.Binnen twee maanden en vijftien dagen na het ontvangen van de overzichten bedoeld in artikel 8, geeft het bestuur zijn goedkeuring of verwerpt het deze overzichten. Tijdens deze termijn wisselt het bestuur elke relevante informatie uit met de spoorwegonderneming.

De betaling van het bedrag van de subsidie wordt uiterlijk vier maanden na ontvangst van de voornoemde overzichten uitgevoerd. De verwerping van de overzichten leidt tot het verlies van het recht op subsidie voor het trimester waarvoor de subsidie gevraagd wordt.

Als tijdens het trimester waarop de overzichten betrekking hebben de vastgestelde begroting wordt overschreden, worden de subsidies waarop de betrokken spoorwegonderneming recht zou hebben pro rata verminderd.

Art. 11.De subsidies worden toegekend per trimester en zijn beperkt tot 25 % van het jaarbudget dat ingeschreven is in de algemene uitgavenbegroting.

Art. 12.De subsidies die betaald zijn per trimester zijn beperkt tot 30 % van de spoorkosten voor het betreffende trimester. HOOFDSTUK 2. - Steun voor gecombineerd vervoer Afdeling 1. - Wijziging van de programmawet van 22 december 2008

Art. 13.Artikel 24 van de programmawet van 22 december 2008, gewijzigd bij de wet van 10 augustus 2015, wordt vervangen als volgt: "

Art. 24.Dit hoofdstuk heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2009 en treedt buiten werking op 31 december 2020.". Afdeling 2. - Wijziging van het koninklijk besluit van 15 juli 2009

betreffende de bevordering van het gecombineerd spoorvervoer van intermodale transporteenheden

Art. 14.In artikel 3, vierde lid, van het koninklijk besluit van 15 juli 2009 betreffende de bevordering van het gecombineerd spoorvervoer van intermodale transporteenheden, ingevoegd bij de wet van 28 juni 2013 en gewijzigd bij de wetten van 15 mei 2014 en 10 augustus 2015, wordt de zin "Voor het jaar 2016 wordt de subsidie berekend op basis van de waarden vastgelegd voor het jaar 2015" vervangen als volgt: "Voor de jaren 2016 tot en met 2020 wordt de subsidie berekend op basis van de waarden vastgelegd voor het jaar 2015.".

Art. 15.In artikel 5, vierde lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij de wet van 10 augustus 2015, wordt de zin "Voor het jaar 2016 wordt de subsidie berekend op basis van de waarden vastgelegd voor het jaar 2015." vervangen als volgt: "Voor de jaren 2016 tot en met 2020 wordt de subsidie berekend op basis van de waarden vastgesteld voor het jaar 2015.".

Art. 16.In artikel 8 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de wetten van 15 mei 2014 en 10 augustus 2015, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° het tweede lid wordt vervangen als volgt: "Met uitzondering van de jaren 2009, 2015 en 2017 hebben de aanvraagdossiers betrekking op het vervoer van ITE dat ten vroegste plaatsvindt op de datum van indiening van het aanvraagdossier.Voor de genoemde jaren hebben ze eveneens betrekking op het vervoer van ITE dat ten vroegste plaatsvindt vanaf 1 januari van het betreffende jaar.". 2° het vierde lid wordt vervangen als volgt: "In afwijking van het derde lid kunnen deze tabellen voor het verkrijgen van een subsidie voor de trimesters van 2015 en 2017 die verstreken zijn vóór de bekendmaking in het Belgisch Staatsblad van de wet van 5 mei 2017 betreffende de steun voor verspreid vervoer voor de periode 2017-2020 en houdende verlenging van de steun voor gecombineerd vervoer voor de periode 2017-2020, nog worden ingediend uiterlijk één maand na de bekendmaking van deze wet".

Art. 17.Artikel 22 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de wet van 10 augustus 2015, wordt vervangen als volgt: "

Art. 22.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2009 en treedt buiten werking op 31 december 2020.". HOOFDSTUK 3. - Slotbepaling

Art. 18.Deze wet heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2017 en treedt buiten werking op 31 december 2020.

Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.

Gegeven te Brussel, 5 mei 2017.

FILIP Van Koningswege : De Minister van Mobiliteit, F. BELLOT Met 's Lands zegel gezegeld : De Minister van Justitie, K. GEENS _______ Nota (1) Kamer van volksvertegenwoordigers (www.dekamer.be) : Stukken : 54-2346.

Integraal verslag : 20 april 2017.


begin


Publicatie : 2017-06-

Etaamb biedt de inhoud van de Belgisch Staatsblad aan gesorteerd op afkondigings- en publicatiedatum, behandeld om gemakkelijk leesbaar en afprintbaar te zijn, en verrijkt met een relationele context.
^