Wet van 07 mei 1999
gepubliceerd op 15 mei 1999
OpenJustice.be: Open Data & Open Source

Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare

bron
ministerie van binnenlandse zaken
numac
1999000386
pub.
15/05/1999
prom.
07/05/1999
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.pl?language=nl&(...)
Document Qrcode

7 MEI 1999. - Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn


ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt :

Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.

Art. 2.Artikel 54, § 1, eerste lid, van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen, vervangen bij de wet van 6 mei 1993 en gewijzigd bij de wetten van 24 mei 1994 en 15 juli 1996, wordt aangevuld als volgt : « 5° behoren tot de categorieën van personen die bij een in de Ministerraad overlegd koninklijk besluit worden aangewezen in het kader van de bijzondere maatregelen tot tijdelijke bescherming van personen. ».

Art. 3.In artikel 57ter, eerste lid, van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, ingevoegd bij de wet van 30 december 1992 en gewijzigd bij de wet van 15 juli 1996, worden na het woord « asielvrager » de woorden « of de vreemdeling ten aanzien van wie met toepassing van artikel 54, § 1, eerste lid, van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen een verplichte plaats van inschrijving bepaald is » toegevoegd.

Art. 4.In artikel 2, § 5, van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door de openbare centra voor maatschappelijk welzijn wordt telkens na het woord « kandidaatvluchteling » de woorden « of een in artikel 54, § 1, eerste lid, van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen bedoelde persoon » toegevoegd.

Art. 5.In artikel 5, § 2, van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door de openbare centra voor maatschappelijk welzijn worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1°) in het eerste lid wordt na de woorden « te worden erkend » de woorden « of aan de in artikel 54, § 1, eerste lid, van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen bedoelde persoon » toegevoegd. 2°) in het tweede lid wordt na het woord « kandidaat-vluchteling » de woorden « of de in artikel 54, § 1, eerste lid, van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen bedoelde persoon » toegevoegd; 3°) in het derde lid wordt : a) na het woord « kandidaat-vluchtelingen » de woorden « of de in artikel 54, § 1, eerste lid, van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen bedoelde personen » toegevoegd, en b) na de woorden « een dezer kandidaten » de woorden « of personen » toegevoegd. 4°) het vierde lid wordt vervangen als volgt : « De bepaling van het eerste lid is van toepassing totdat de kandidaat als vluchteling wordt erkend of totdat de kandidaat of de persoon een maatschappelijke dienstverlening geniet krachtens artikel 57, § 2, van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn. ».

Art. 6.In artikel 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door de openbare centra voor maatschappelijk welzijn wordt na het woord « kandiaat-vluchteling » de woorden « of de in artikel 54, § 1, eerste lid, van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen bedoelde personen » toegevoegd.

Art. 7.Deze wet treedt in werking met ingang van 18 april 1999.

Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.

Gegeven te Brussel, 7 mei 1999.

ALBERT Van Koningswege : De Minister van Binnenlandze Zaken, L. VAN DEN BOSSCHE De Minister van Volksgezondheid en Pensioenen, M. COLLA De Staatssecretaris voor Maatschappelijke Integratie, J. PEETERS Met 's Lands zegel gezegeld : De Minister van Justitie T. VAN PARYS _______ Nota (1) 1998-1999 : Kamer van volksvertegenwoordigers. 2143 - Nr. 1 : wetsvoorstel van de heren Vanvelthoven, Lenssens, Janssens en Gehlen. - Nrs. 2 en 3 : amendementen. - Nr. 4 : advies van de Raad van State. - Nr. 5 : verslag. - Nr. 6 : tekst aangenomen door de commissie. - Nr. 7 : amendement. - Nr. 8 : tekst aangenomen in plenaire vergadering en overgezonden aan de Senaat.

Handelingen van de Kamer : 22 april 1999.

Senaat. 1-1401. - Nr. 1 : ontwerp overgezonden door de Kamer van volksvertegenwoordigers. - Nr. 2 : verslag. - Nr. 3 : tekst aangenomen door de commissie.

Handelingen van de Senaat : 29 en 30 april 1999.

Etaamb biedt de inhoud van de Belgisch Staatsblad aan gesorteerd op afkondigings- en publicatiedatum, behandeld om gemakkelijk leesbaar en afprintbaar te zijn, en verrijkt met een relationele context.
^