Wet van 19 juni 2008
gepubliceerd op 23 april 2014

Wet houdende instemming met het Verdrag inzake de verzameling, afgifte en inname van afval in de Rijn- en binnenvaart, met de Bijlagen 1 en 2, en met de Aanhangsels I, II, III, IV en V, gedaan te Straatsburg op 9 september 1996. - Addendum

bron
federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
numac
2014015047
pub.
23/04/2014
prom.
19/06/2008
staatsblad
http://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.pl?language=nl&c(...)
Document Qrcode

FEDERALE OVERHEIDSDIENST BUITENLANDSE ZAKEN, BUITENLANDSE HANDEL EN ONTWIKKELINGSSAMENWERKING


19 JUNI 2008. - Wet houdende instemming met het Verdrag inzake de verzameling, afgifte en inname van afval in de Rijn- en binnenvaart, met de Bijlagen 1 en 2, en met de Aanhangsels I, II, III, IV en V, gedaan te Straatsburg op 9 september 1996. - Addendum (1)


Verdrag inzake de verzameling, afgifte en inname van afval in de Rijn- en binnenvaart Conferentie van verdragsluitende partijen. - Besluiten van de CVP van 12 december 2013 Besluit CDNI 2013-II-4 Uitvoeringsregeling - Aanhangsel IV Onderscheiden losverklaringen voor de droge-ladingvaart en de tankvaart Nieuw model De Conferentie van Verdragsluitende Partijen, Overwegende, - dat het Verdrag en de bijbehorende Uitvoeringsregeling onderscheiden voorschriften voor de drogeladingvaart en de tankvaart voorzien; - dat de overeenkomstige procedures in overweging genomen dienen te worden met betrekking tot het model van de losverklaring dat door elk van deze twee binnenvaartsegmenten gebruikt moet worden; - dat zowel de vervoerders als de ladingontvangers een behoefte in deze zin kenbaar hebben gemaakt, Beseffende, dat de invoering van onderscheiden modellen van de losverklaring voor de drogeladingvaart en voor de tankvaart het gebruik van de losverklaringen door de respectieve operators alsmede de monitoring en de handhaving van de adequate regels door de bevoegde autoriteiten zou kunnen vereenvoudigen;

Hierbij handelend krachtens de artikelen 14 en 19 van het Verdrag inzake de verzameling, afgifte en inname van afval in de Rijn- en binnenvaart, Neemt het bijgevoegde Aanhangsel IV van de Uitvoeringsregeling aan.

Dit besluit treedt op 1 januari 2014 in werking. De losverklaringen overeenkomstig de tot en met 31 december 2013 geldende versie van Aanhangsel IV van de Uitvoeringsregeling, kunnen tot en met 31 december 2014 worden gebruikt en tot en met 30 juni 2015 worden overgelegd als bewijs in de zin van artikel 6.03, eerste lid, van Bijlage 2.

Bijlage Aanhangsel IV behorende bij de Uitvoeringsregeling Modellen (Uitgave 2014) Losverklaring Drogeladingvaart (pagina [...]) Tankvaart (pagina [...])

Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld Bijlage losverklaring drogeladingvaart Aanwijzingen om de losverklaring in te vullen Opmerking bij nummer 6 : In dat geval hoeven de nummers 7 - 9 niet ingevuld te worden.

Opmerking bij nummer 7 : Voor 7 a) en b) gelden tot 1 november 2014 overgangsbepalingen (artikel 6.02, lid 1) : - in plaats van de in Aanhangsel III van de Uitvoeringsregeling CDNI vereiste losstandaard "vacuümschoon" is de losstandaard "bezemschoon" toegestaan; - waswater dat overeenkomstig Aanhangsel III van de Uitvoeringsregeling CDNI in de riolering gebracht moet worden, mag in de vaarweg geloosd worden, indien voldaan is aan de losstandaard "bezemschoon".

Opmerking bij nummer 9 : Indien 9 c) of 9 d) is aangekruist, dan dienen ook de punten 11 en 15 t/m 17 te worden ingevuld.

Opmerking bij nummer 10 : De ladingontvanger/overslagplaats kan slops aannemen, maar is daar niet toe verplicht.

Opmerking bij nummer 11 b) : Indien in het laadruim een goederenaard werd vervoerd waarvoor krachtens Aanhangsel III een speciale behandeling volgens S is voorzien, moet het waswater bij de ladingontvanger/de overslaginstallatie of bij een ontvangstinrichting voor waswater worden afgegeven.

Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld Bijlage losverklaring tankvaart Aanwijzingen om de losverklaring in te vullen Opmerking bij nummer 6 : In dat geval hoeven de nummers 7 - 9 niet ingevuld te worden.

Opmerking bij nummer 7 : Voor 7 a) geldt tot 1 november 2014 een overgangsbepaling (artikel 6.02, lid 1) : Het nalenzen van ladingtanks ingevolge artikel 7.04 is niet vereist, doch beschikbare systemen moeten zoveel mogelijk worden gebruikt, ook wanneer deze systemen nog niet voldoen aan het bepaalde in Aanhangsel II van de Uitvoeringsregeling CDNI. Opmerking bij nummer 8 : 8 a) omvat onder andere de overslagresten die in lekbakken worden opgevangen.

Voor 8b) geldt tot 1 november 2014 de overgangsbepaling volgens artikel 6.02, eerste lid, letter b, met dien verstande dat er geen verplichting bestaat om restlading over te nemen, tenzij er een nalenssysteem voorhanden is.

Opmerking bij nummer 9 : Indien 9 c) of 9 d) is aangekruist, dan dienen ook de punten 11 en 15 t/m 17 te worden ingevuld.

Opmerking bij nummer 10 : De ladingontvanger/overslagplaats kan slops aannemen, maar is daar niet toe verplicht.

Opmerking bij nummer 11 c) : Indien in de ladingtank een goederenaard werd vervoerd waarvoor volgens Aanhangsel III een speciale behandeling volgens S voorzien is, moet het waswater bij de ladingontvanger/de overslaginstallatie of bij een ontvangstinrichting voor waswater worden afgegeven.

Besluit CDNI 2013-II-5 Uitvoeringsregeling - Deel C Hardheidsregeling krachtens artikel 9.02 van Bijlage 2 voor boordzuiveringsinstallaties De Conferentie van Verdragsluitende Partijen, Beseffende, - dat met de inwerkingtreding van de bepalingen inzake boordzuiveringsinstallaties per 1 januari 2011, deze installaties moeten voldoen aan de voorschriften van fase II overeenkomstig Aanhangsel V van Bijlage 2 van het Verdrag; - dat de vervanging van de boordzuiveringsinstallaties die niet voldoen aan het bedoelde Aanhangsel V, praktisch moeilijk uitvoerbaar zou kunnen blijken te zijn of onredelijk hoge kosten zou kunnen inhouden;

Overwegende, - dat de overeenkomstige bepalingen van het ROSR en van de gewijzigde Richtlijn 2006/87/EG in overweging genomen dienen te worden; - dat voor de passagiersschepen die zich tot 1 januari 2011 niet in het toepassingsgebied van het CDNI bevonden, de toepassing van de tot 1 november 2009 geldende voorschriften toegestaan zou moeten zijn;

Gezien artikel 9.02 van Bijlage 2 van het Verdrag, Neemt het regime inzake de toepassing van artikel 9.02 aan dat in de bijlage wordt opgevoerd, en Stelt de instemming vast van alle Verdragsluitende Partijen met de toepassing van het bedoelde regime door de bevoegde autoriteiten voor de passagiersschepen waarvan de boordzuiveringsinstallaties zijn ingebouwd vóór 1 november 2011.

Bijlage Toepassing van artikel 9.02 van Bijlage 2 voor boordzuiveringsinstallaties die vóór 1.1.2011 op passagiersschepen zijn ingebouwd Regime voor uitzonderingsmogelijkheden en voorwaarden waaronder de toegestane uitzonderingen als gelijkwaardig kunnen worden aangemerkt 1. Passagiersschepen met boordzuiveringsinstallaties die vóór 1 november 2009 werden ingebouwd, mogen deze installaties blijven gebruiken als de installatie aan de volgende eisen voldoet : a) de grens- en controlewaarden van de installatie overschrijden de waarden volgens fase II met niet meer dan een factor 2;b) voor de boordzuiveringsinstallatie is een verklaring van de fabrikant of een deskundige afgegeven die bevestigt dat deze de kenmerkende belastingen die op dit schip kunnen optreden, kan verwerken;c) een zuiveringsslibmanagementplan dat aan de voorwaarden voor gebruik van een boordzuiveringsinstallatie op een passagiersschip voldoet, is voorhanden.2. Boordzuiveringsinstallaties die na 31 oktober 2009 en vóór 1 januari 2011 werden geïnstalleerd, mogen verder gebruikt worden, voor zover deze installaties de grenswaarden van fase I vervullen en aan de bepalingen van het eerste lid, onder b.en c., wordt voldaan. 3. Voor passagiersschepen die vóór 1 januari 2011 werden gebouwd en tot dan niet onder het toepassingsgebied van het CDNI vielen (volgens Bijlage 1), gelden de bepalingen van het eerste lid met de afwijkende datum 1 januari 2011. 4. Uitzonderingen voor boordzuiveringsinstallaties die op grond van de hardheidsregelingen van het Reglement Onderzoek schepen op de Rijn (artikel 24.04, vierde lid) of van Bijlage 2 van Richtlijn 2006/87/EG (artikel 24.04, vierde lid, of artikel 24a.04) aan passagiersschepen toegekend werden, gelden als gelijkwaardig. 5. De vervanging van delen door onderdelen die technisch of qua bouw gelijk zijn, wordt niet als een vervanging van de installatie beschouwd. Besluit CDNI 2013-II-6 Uitvoeringsregeling - Deel C Verzameling van huishoudelijk afvalwater van passagiersschepen met meer dan 50 passagiers Wijziging van artikel 9.03 De Conferentie van Verdragsluitende Partijen, Beseffende dat de bescherming van het milieu alsmede de veiligheid en de gezondheid van scheepspersoneel en verkeersdeelnemers absolute vereisten voor de binnenvaart vormen;

Overwegende dat de lozing van het huishoudelijk afvalwater voor bepaalde scheepscategorieën wordt geregeld krachtens artikel 9.01, derde lid, van Bijlage 2 van het Verdrag inzake de verzameling, afgifte en inname van afval in de Rijn- en binnenvaart (CDNI);

Overwegende dat het Verdrag geen modaliteiten voorziet voor de verzameling en de behandeling aan boord van de desbetreffende schepen; dat artikel 9.03 van Bijlage 2 van het Verdrag overeenkomstig aangevuld moet worden, In deze handelend krachtens artikelen 14 en 19 van het Verdrag, Neemt het vierde lid van artikel 9.03 van Bijlage 2 van het Verdrag als volgt aan : "4. De schipper van een passagiersschip dat krachtens artikel 9.01, derde lid, onder het lozingsverbod voor huishoudelijk afvalwater valt, dient zeker te stellen dat het huishoudelijk afvalwater op een passende wijze aan boord van het schip wordt verzameld en overeenkomstig artikel 8.02 derde lid, bij een installatie of inzamelstation wordt afgegeven, voor zover het passagiersschip niet over een zuiveringsinstallatie overeenkomstig artikel 9.01, vierde lid, beschikt." Dit besluit treedt in werking op 1 juli 2014. (1) Zie het Belgisch Staatsblad d.d. 22 oktober 2009, 9 maart 2010, 3 augustus 2010, 27 september 2010, 13 december 2011 en 21 november 2012.

Etaamb biedt de inhoud van de Belgisch Staatsblad aan gesorteerd op afkondigings- en publicatiedatum, behandeld om gemakkelijk leesbaar en afprintbaar te zijn, en verrijkt met een relationele context.
^