Etaamb.openjustice.be
Wet van 22 november 2013
gepubliceerd op 03 maart 2014

Wet houdende instemming met de Wijzigingen van het Statuut van Rome van het Internationaal Strafhof betreffende de misdaad van agressie, aangenomen te Kampala op 11 juni 2010 tijdens de Herzieningsconferentie van het Statuut van Rome

bron
federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
numac
2014015004
pub.
03/03/2014
prom.
22/11/2013
ELI
eli/wet/2013/11/22/2014015004/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
links
Raad van State (chrono)Kamer (parl. doc.)Senaat (fiche)
Document Qrcode

22 NOVEMBER 2013. - Wet houdende instemming met de Wijzigingen van het Statuut van Rome van het Internationaal Strafhof betreffende de misdaad van agressie, aangenomen te Kampala op 11 juni 2010 tijdens de Herzieningsconferentie van het Statuut van Rome (1)


FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt :

Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 77 van de Grondwet.

Art. 2.De Wijzigingen van het Statuut van Rome van het Internationaal Strafhof betreffende de misdaad van agressie, aangenomen te Kampala op 11 juni 2010 tijdens de Herzieningsconferentie van het Statuut van Rome, zullen volkomen gevolg hebben.

Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.

Gegeven te Brussel, op 22 november 2013.

FILIP Van Koningswege : De Vice-Eerste Minister en Minister van Buitenlandse Zaken, D. REYNDERS De Vice-Eerste Minister en Minister van Landsverdediging, P. DE CREM De Minister van Justitie, Mevr. A. TURTELBOOM Met 's Lands zegel gezegeld : De Minister van Justitie, Mevr. A. TURTELBOOM _______ Nota's (1) Zitting 2012-2013 en 2013-2014. Senaat.

Documenten : Ontwerp van wet ingediend op 26 september 2013, nr. 5-2270/1.

Verslag, nr. 5-2270/2.

Parlementaire Handelingen : Bespreking, vergadering van 24 oktober 2013.

Stemming, vergadering van 24 oktober 2013.

Kamer van volksvertegenwoordigers.

Documenten : Ontwerp overgezonden door de Senaat, nr. 53-3094/1.

Verslag namens de commissie nr. 53-3094/2.

Tekst aangenomen in plenaire vergadering en aan de Koning ter bekrachtiging voorgelegd, nr. 53-3094/3.

Parlementaire Handelingen : Bespreking, vergadering van 7 november 2013.

Stemming, vergadering van 7 november 2013.

Wijzigingen van het Statuut van Rome van het Internationaal Strafhof betreffende de misdaad van agressie 1. Artikel 5, tweede lid, van het Statuut wordt geschrapt.2. De volgende tekst wordt ingevoegd na artikel 8 van het Statuut : Artikel 8bis De misdaad van agressie 1.Voor de toepassing van dit Statuut wordt verstaan onder misdaad van agressie : het plannen, voorbereiden, in gang zetten of uitvoeren, door een persoon die in de positie verkeert daadwerkelijk controle uit te oefenen over of leiding te geven aan het politieke of militaire optreden van een Staat, van een daad van agressie die door zijn aard, ernst en schaal een onmiskenbare schending vormt van het Handvest van de Verenigde Naties. 2. Voor de toepassing van het eerste lid wordt verstaan onder « daad van agressie » : het gebruik van wapengeweld door een Staat tegen de soevereiniteit, territoriale integriteit of politieke onafhankelijkheid van een andere Staat, of op enige andere wijze die onverenigbaar is met het Handvest van de Verenigde Naties.Elk van de volgende handelingen wordt, ongeacht of er een oorlogsverklaring is, in overeenstemming met resolutie 3314 (XXIX) van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties van 14 december 1974, als een daad van agressie aangemerkt : a) de invasie of aanval door de strijdkrachten van een Staat van respectievelijk op het grondgebied van een andere Staat, of een militaire bezetting, ook als deze van tijdelijke aard is, die het gevolg is van deze invasie of aanval, of enige annexatie door middel van geweld van het grondgebied van een andere Staat of deel daarvan;b) het bombarderen door de strijdkrachten van een Staat van het grondgebied van een andere Staat of het gebruik van enig wapen door een Staat tegen het grondgebied van een andere Staat;c) de blokkade van de havens of kusten van een Staat door de strijdkrachten van een andere Staat;d) een aanval door de strijdkrachten van een Staat op de land-, zee- of luchtstrijdkrachten of de zee- en luchtvloot van een andere Staat;e) de inzet van strijdkrachten van een Staat die met instemming van de ontvangende Staat op het grondgebied van een andere Staat aanwezig zijn, in strijd met de voorwaarden vervat in de daarop betrekking hebbende overeenkomst of een verlenging van hun aanwezigheid op dit grondgebied na het verstrijken van de overeenkomst;f) het optreden van een Staat waarbij wordt toegestaan dat zijn grondgebied, dat hij aan een andere Staat ter beschikking heeft gesteld, door die andere Staat wordt gebruikt om een daad van agressie te plegen tegen een derde Staat;g) het sturen door of namens een Staat van gewapende bendes, groepen, ongeordende troepen of huurlingen, die met wapengeweld gepaard gaande handelingen plegen tegen een andere Staat die zo ernstig zijn dat zij gelijkstaan met de hierboven genoemde handelingen, of die daar in aanzienlijke mate bij betrokken zijn.3. De volgende tekst wordt ingevoegd na artikel 15 van het Statuut : Artikel 15bis Uitoefening van rechtsmacht ter zake van de misdaad van agressie (Aangifte door een Staat, eigener beweging) 1.Het Hof is bevoegd rechtsmacht uit te oefenen ter zake van de misdaad van agressie in overeenstemming met artikel 13, onder a) en c), met inachtneming van de bepalingen van dit artikel. 2. Het Hof is uitsluitend bevoegd rechtsmacht uit te oefenen ter zake van misdaden van agressie die zijn gepleegd een jaar na de bekrachtiging of aanvaarding van de amendementen door dertig Staten die Partij zijn.3. Het Hof oefent rechtsmacht ter zake van de misdaad van agressie uit in overeenstemming met dit artikel, met inachtneming van een besluit dat na 1 januari 2017 wordt genomen door dezelfde meerderheid van Staten die Partij zijn als nodig is voor het aannemen van een amendement bij het Statuut.4. Het Hof is in overeenstemming met artikel 12 bevoegd rechtsmacht ter zake van een misdaad van agressie uit te oefenen dat voort vloeit uit een daad van agressie gepleegd door een Staat die Partij is, tenzij deze Staat die Partij is vooraf heeft verklaard dat hij een dergelijke rechtsmacht niet aanvaardt door het neerleggen van een verklaring bij de Griffier.Deze verklaring kan te allen tijde worden ingetrokken en wordt door de Staat die Partij is binnen drie jaar overwogen. 5. Ten aanzien van een Staat die geen Partij is bij dit Statuut, oefent het Hof zijn rechtsmacht niet uit ter zake van de misdaad van agressie wanneer deze misdaad door onderdanen van die Staat of op zijn grondgebied wordt gepleegd.6. Indien de Aanklager concludeert dat er een redelijke basis is om tot een onderzoek naar een misdaad van agressie over te gaan, vergewist hij of zij zich er eerst van of de Veiligheidsraad heeft vastgesteld dat de betreffende Staat een daad van agressie heeft gepleegd.De Aanklager stelt de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties in kennis van de situatie voor het Hof, met inbegrip van relevante informatie en documenten. 7. Indien de Veiligheidsraad een daad van agressie heeft vastgesteld, kan de Aanklager overgaan tot het onderzoek met betrekking tot een misdaad van agressie.8. Indien een dergelijke vaststelling niet binnen zes maanden na de datum van kennisgeving is geschied, kan de Aanklager overgaan tot het onderzoek naar een misdaad van agressie op voorwaarde dat de Afdeling Vooronderzoek toestemming heeft gegeven voor het aanvangen van het onderzoek naar een misdaad van agressie in overeenstemming met de in artikel 15 vervatte procedure en de Veiligheidsraad niet anderszins heeft besloten in overeenstemming met artikel 16.9. Het vaststellen van een daad van agressie door een orgaan buiten het Hof laat de eigen bevindingen van het Hof uit hoofde van dit Statuut onverlet.10. Dit artikel laat de bepalingen met betrekking tot het uitoefenen van rechtsmacht ter zake van andere in artikel 5 genoemde misdrijven onverlet.4. De volgende tekst wordt ingevoegd na artikel 15bis van het Statuut : Artikel 15ter Uitoefening van rechtsmacht ter zake van de misdaad van agressie (Aangifte door de Veiligheidsraad) 1.Het Hof is bevoegd rechtsmacht uit te oefenen ter zake van de misdaad van agressie in overeenstemming met artikel 13, onder b), met inachtneming van de bepalingen van dit artikel. 2. Het Hof is uitsluitend bevoegd rechtsmacht uit te oefenen ter zake van misdaden van agressie die zijn gepleegd een jaar na de bekrachtiging of aanvaarding van de amendementen door dertig Staten die Partij zijn.3. Het Hof oefent rechtsmacht ter zake van het misdaad van agressie uit in overeenstemming met dit artikel, met inachtneming van een besluit dat na 1 januari 2017 wordt genomen door dezelfde meerderheid van Staten die Partij zijn als nodig is voor het aannemen van een amendement bij het Statuut.4. Het vaststellen van een daad van agressie door een orgaan buiten het Hof laat de eigen bevindingen van het Hof uit hoofde van dit Statuut onverlet.5. Dit artikel laat de bepalingen met betrekking tot het uitoefenen van rechtsmacht ter zake van andere in artikel 5 genoemde misdrijven onverlet.5. De volgende tekst wordt ingevoegd na artikel 25, derde lid, van het Statuut : 3bis.Met betrekking tot de misdaad van agressie zijn de bepalingen van dit artikel uitsluitend van toepassing op personen die in de positie verkeren daadwerkelijk controle uit te oefenen over of leiding te geven aan het politieke of militaire optreden van een Staat. 6. De eerste zin van artikel 9, eerste lid, van het Statuut wordt vervangen door de volgende zin : 1.Elementen van misdrijven helpen het Hof bij de interpretatie en toepassing van de artikelen 6, 7, 8 en 8bis. 7. De aanhef van artikel 20, derde lid, van het Statuut wordt vervangen door de volgende tekst;de rest van het lid blijft onveranderd : 3. Niemand die voor een ander gerecht heeft terechtgestaan ter zake van gedragingen die ook ingevolge de artikelen 6, 7, 8 of 8bis verboden zijn, staat voor het Hof terecht voor dezelfde gedragingen tenzij de procedure bij het andere gerecht. Lijst van de gebonden Staten Wijzigingen van het Statuut van Rome van het Internationaal Strafhof betreffende de misdaad van agressie, aangenomen te Kampala op 11 juni 2010 tijdens de Herzieningsconferentie van het Statuut van Rome

Staten/Organisaties

Datum authentificatie

Type instemming

Datum instemming

Datum interne inwerkingtreding

ANDORRA

Aanvaarding

26/09/2013

26/09/2014

BOTSWANA

Bekrachtiging

04/06/2013

04/06/2014

BELGIE

Bekrachtiging

26/11/2013

26/11/2014

CYPRUS

Bekrachtiging

25/09/2013

25/09/2014

DUITSLAND

Aanvaarding

03/06/2013

03/06/2014

ESTLAND

Bekrachtiging

27/03/2013

27/03/2014

KROATIE

Bekrachtiging

20/12/2013

20/12/2014

LIECHTENSTEIN

Bekrachtiging

08/05/2012

08/05/2013

LUXEMBURG

Bekrachtiging

15/01/2013

15/01/2014

SAMOA AMERICAINE

Bekrachtiging

25/09/2012

25/09/2013

SEYCHELLEN

24/09/2013

Onbepaald


SLOVENIE

Bekrachtiging

25/09/2013

25/09/2014

TRINIDAD EN TOBAGO

Bekrachtiging

13/11/2012

13/11/2013

URUGUAY

Bekrachtiging

26/09/2013

26/09/2014

^